woensdag 24 februari 2016

Ik was 20 in 45*

Dag Bonj,

Nu ge er niet meer zijt verliezen we allemaal een stuk van onze jeugd. Een heel belangrijk stuk, een heel mooi stuk. Zomervakanties in Riksingen die wel eeuwig leken te duren maar geen seconde verveelden. Vakanties waarbij we 's morgens vroeg opstonden, ons voor de televisie installeerden met in de ene hand een glas cola en in de andere hand een stuk chocolade. Waar we ons van de rand van het bad af lieten glijden en heel de badkamer onder water zetten. Waar we u een beetje voor de gek hielden als ge naar "The Bold and The Beautifull" aant kijken waart en we u vroegen of Broek het zuster van Onderbroek was. Waar we met de casserolle frieten gingen halen bij Henerik.

Toen we ouder werden vielen deze vakanties weg. Maar op zaterdag tekenden we nog altijd present om 's avonds mee aan tafel te schuiven om pistolets te eten. Heel vaak zelfs met een zelfgemaakte warme maaltijd of anders zeker met charcuterie. Altijd een volle tafel en gij er midden in. Ondertussen bespraken we met u de laatste ontwikkelingen in showbizzland aan de hand van de Story of overliepen we de doodberichten in het Belang.

De laatste jaren ging het beetje bij beetje bergaf met u. Als we u gingen bezoeken in het rusthuis moesten we vaak al na twee seconden "de store toe doen, het licht uit en maar onderaf gaan". Maar toch, als ik binnenkwam en u ne kus gaf lichtte uw gezicht op en was daar altijd die blik van herkenning en blijdschap. "Ha dag Tristan" zei ge dan. Waarna ik alsnog "de store moest toe doen, het licht uit en maar onderaf gaan". En toch, die halve seconde maakte het voor mij meer dan waard om af te komen.

Zaterdag waren papa en ik voor de laatste keer bij u op bezoek. We kwamen binnen terwijl ge laagt te slapen. Ik maakte u wakker om u ne kus te geven. Ge werdt wel een beetje wakker, maar ge herkende me niet meer...

Slaap zacht Bonj.

*Dit is de titel van een tentoonstelling waarvan Bonj zei dat ze op haar van toepassing was.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen