dinsdag 24 september 2013

Los in m'n broek*

Onderstaande feiten hebben zich al twee weken geleden voorgedaan, maar ik ben nog altijd bezig met het trauma ervan te verwerken.

Sommige zaken zijn geleden van uw kindertijd dat ge ze nog hebt meegemaakt. En over sommige zaken - Sinterklaas, de paashaas, verjaardagsfeestjes met een gigantische stapel pannenkoeken - kunt ge redelijk nostalgisch aan terugdenken als "die goede oude tijd". En bij gelegenheid probeert ge die gevoelens ook terug op te wekken.

Buikpijn hebben na het eten van te veel pannenkoeken met choco en ijskoude melk, het blijft een geweldig gevoel.

Andere zaken uit de kindertijd, probeert ge dan weer zo snel als mogelijk te vergeten. Kapot gevallen knieĆ«n, ellebogen en kinnebakken die ontsmet moeten worden, de plakker die er enkele dagen later dan van af moet worden getrokken, veel te vroeg moeten gaan slapen - "jama mama, het is nog licht buiten!" - om dan nog maar te zwijgen van het trauma dat ge oploopt zodra ge weet wie Sinterklaas nu eigenlijk echt is.

Deze post gaat over het tweede gevoel. Een gevoel dat al zo lang geleden was dat ik mij zelfs niet meer voor de geest kon halen hoe het juist voelde. Dat het onaangenaam was, dat wist ik maar al te goed, maar het was volgens mij toch al zo'n dikke 15 jaar geleden dat ik het nog eens aan de lijve mocht ondervinden.

Ik ga hiervoor moeten terugspoelen naar een avond in september,  meer bepaald een vrijdag de 13de - nomen est omen - voor de wedstrijd Hot Shots - Vitoria Diabolix.

Zoals jullie weten ben ik bij gelegenheid de niet onverdienstelijke goalie van dit zaalvoetbalploegje van mijn oud collega Tsigalko. Deze keer zou ik echter aan het executiepeloton ontsnappen vermits "Gman" in de goal zou staan. Ja lap, dat betekende dat ik op het veld moest staan. En dat ik dus zou moeten gaan lopen. Pff. Ik werd al moe bij het gedacht alleen al. Maar gelukkig hadden we deze keer 3 (!!) reservespelers op de bank zitten. Als ik niet op tijd en stond had kunnen wisselen, dan lag ik nu waarschijnlijk nog steeds op intensieve aan de zuurstoftank gekoppeld.

Ma Tristan, en uw triatlonconditie dan, vraagt ge u misschien af? Wel, triatlon is een duursport, daar waar voetbal een janettensport is. En doordat ge de hele tijd korte sprintjes moet trekken, is het een heel andere soort conditie dat ge daar voor nodig hebt. Dat is zoals triatlon: het is niet omdat ge een goede loopconditie hebt, dat ge ook een goede fiets of zwemconditie hebt. Het versterkt elkaar wel allemaal, maar het is een andere belasting van uw spieren en die moet ge dan ook voldoende trainen.

Al zeer snel bleek dat mijn inbreng vooral van kwantitatieve aard was, eerder dan kwalitatief. Tja, wat wilt ge? Ik heb enkel ervaring met voetbal op een groot veld in de spits bij Verbroedering Loksbergen, en nu moest ik ineens overal meespelen en heel anders verdedigen en rondlopen, op zo'n klein plein in een zaal.

Vandaar dus ook dat ik spontaan voorstelde om "links bank" te gaan spelen.

Op zich waren we niet slecht aan het spelen. De eerste helft grepen we Hot Shots bij momenten zelfs naar de keel, maar het ontbrak ons alweer aan scorend vermogen. Tegen de paal en de deklat, geen probleem, maar dus nooit tegen de netten.

Allez ja, wel tegen het zijnet maar daar waren we niets mee.

De tweede helft zouden we echter "in for the kill" gaan. Zij hadden geen reservespelers, wij hadden er drie. Ons conditioneel voordeel moest toch gaan doorwegen was zo was de achterliggende gedachte.

Quod non.

Fysiek overwicht, dat is allemaal goed en wel, maar als de techniek er niet is, dan loopt ge u helemaal dood. En blijkbaar gelden er bij zaalvoetbal ook nog eens allemaal belachelijke regeltjes over hoe ge bijvoorbeeld de bal niet langs achter moogt afpakken van de tegenpartij.

Janettenstreken zeg ik u.

En toen ik mij dus weer voor de duizendste keer suf aan het lopen was achter de bal en mezelf eventjes tussen de goal en de aanvaller plaatste om mee te verdedigen en de afstraffing niet te erg uit de hand te laten lopen, was het van datte.

Tegenpartij haalt uit, bal komt daar waar ge hem als man absoluut niet wilt krijgen... tussen mijn dikke tenen.

Ik piepte meteen een octaaf of drie hoger.

*Niet het filmke dat ge verwacht.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen